Wie was Maria Montessori
Maria Montessori, geboren in Italië in 1870, was de eerste vrouwelijke arts van Italië. Later werd ze hoogleraar in de antropologie aan de universiteit van Rome. In opdracht van de regering stichtte zij in de sloppenwijken van Rome haar ‘Casa dei Bambini’.
Daar werden de kinderen van wie de beide ouders buitenshuis moesten werken opgevangen en begeleid. De daarbij gebruikte methode had zoveel succes, dat deze gaandeweg steeds meer toepassing vond, ook in de milieus van de meer bevoorrechte kinderen.
Centraal in haar ideeën over de begeleiding van kinderen naar de volwassenheid staat datgene, wat het kind zelf nodig heeft. Door zorgvuldige observatie leerde zij deze behoefte onderkennen. Zij wijdde haar leven aan de uitbouw van haar wetenschappelijke visie op opvoeding en onderwijs. Dat haar ideeën nog steeds actueel zijn, blijkt wel uit de nog tot de dag van vandaag voortdurende groei van het Montessorionderwijs.
“Wij moeten met al onze kennis, inzicht en vernuft het kind tegemoet treden om het te inspireren tot een houding van nieuwsgierigheid en betrokkenheid. Dat te organiseren is de wezenlijke opdracht van de school.”
Maria Montessori
Onderwijs
Montessorischool Parijsch is een jonge school in een modern en fris, nieuw schoolgebouw in Culemborg-West. Op onze school kunnen kinderen zich optimaal ontwikkelen. Er heerst een veilig pedagogisch klimaat waarin iedereen geacht wordt met respect met elkaar om te gaan, met oog en hart voor elkaar en voor alles wat groeit en bloeit in de omgeving. Hierbij staan drie aspecten centraal:
· autonomie: het gevoel dat je iets kunt ondernemen zonder dat anderen je daarbij moeten helpen;
· relatie: het gevoel dat mensen je waarderen en met je willen omgaan;
· competentie: initiatieven nemen; vrijheid van werkkeuze; individualisering; geloof, plezier en vertrouwen in de eigen mogelijkheden.
Als u overweegt te kiezen voor het Montessorionderwijs, nodigen wij u graag uit voor een nadere kennismaking. Wij kunnen u dan vertellen over onze werkwijze en u onze school in actie laten zien. Want juist in de praktijk kunt u zien wat het Montessorionderwijs u en uw kind(eren) te bieden heeft. Dan kunt u ervaren dat ons onderwijs aansluit bij de behoeften van deze tijd; dat het kind centraal staat, dat er vertrouwen in kinderen is, en dat een open sfeer en goede contacten met u als medeopvoeder(s) van het grootste belang zijn voor uw kind.
Organisatie
Groepen
Op onze school spelen zowel het verschil in ontwikkelingsniveau als het verschil in talent en belangstelling een rol. Kinderen leren van elkaar door aandacht te hebben voor elkaar, naar elkaar te kijken en te luisteren. Daarom zijn de kinderen op onze school ingedeeld in heterogene groepen: kinderen van verschillende leeftijden vormen één groep. Zo leren ze van jongs af aan om samen te werken en elkaar te helpen, en raken ze door elkaar geïnspireerd.
Wij onderscheiden:
· onderbouwgroepen: 4- tot 6-jarigen (leerjaar 0, 1 en 2);
· middenbouwgroepen: 6- tot 9-jarigen (leerjaar 3, 4 en 5);
· bovenbouwgroepen: 9- tot 12-jarigen (leerjaar 6, 7 en 8).
Kinderen blijven dus meerdere jaren bij dezelfde leerkracht. De positie die het kind in de groep inneemt, varieert van geholpen worden tot zelf anderen kunnen helpen. Geen kind heeft jaar in, jaar uit dezelfde positie in de groep: elk kind is een keer de jongste, de middelste en de oudste.
Naast de invulling van groepsleerkracht wordt invulling gegeven aan andersoortige taken om onze school zo optimaal mogelijk te laten functioneren. Deze taken nemen onder meer de directie, de Coördinator Leerlingzorg (CLZ), de ICT-coördinator en de Bouwcoördinatoren op zich.
Zorg voor iedereen
Onze zorg voor kinderen begint al tijdens uw allereerste gesprek met onze schoolleider. Daarin wordt u geïnformeerd over onze school en krijgt u de Montessorischool in actie te zien. Als u besluit uw kind aan te melden, bepalen wij zorgvuldig in welke groep uw kind wordt geplaatst.
Leerlingvolgsysteem
Vanaf dat moment volgen wij de ontwikkeling van uw kind. Wij registreren op systematische wijze wat uw kind doet, welke vorderingen het maakt en welk niveau het heeft bereikt. De vorderingen worden vooral bekeken in het licht van de eigen ontwikkeling van uw kind. Daarnaast hanteren wij een onafhankelijk en landelijk genormeerd leerlingvolgsysteem voor zowel de cognitieve als de sociaal-emotionele ontwikkeling
Bijzondere zorg
Soms vormen het gedrag, de prestaties in de klas of de uitslagen van de toetsen aanleiding voor extra maatregelen. Als de leerkracht een probleem bij uw kind signaleert, overlegt hij/zij met de Coördinator Leerlingzorg (CLZ). De leerkracht kan een gesignaleerd probleem eveneens bespreken in het leerlingoverleg, dat minstens vier keer per jaar plaatsvindt. Daarnaast voeren wij vijf keer per jaar leerlingbesprekingen met een orthopedagoog van de Schoolbegeleidingsdienst.
Zorg voor het jonge kind
De afgelopen jaren is er merkbaar meer aandacht gekomen voor het Jonge Kind, het kind in de onderbouw. De belangrijkste en meest bekende maatregel in dit kader is de maatregel klassenverkleining. Onze school heeft bovendien een aantal maatregelen genomen om problemen in de periode van groep 1 t/m 4 zo vroeg mogelijk te onderkennen.
- Invoering van het Ontwikkelingsvolgmodel, waarin de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen aan de hand van ontwikkelingslijnen is aan te geven.
- Vaststellen van het taalniveau bij kleuters aan de hand van de CITO-toets Taal voor Kleuters.
- Scholing gericht op een betere begeleiding van hoogbegaafde jonge kinderen.
De begeleiding van de overgang naar het voortgezet onderwijs
Gedurende de laatste jaren van de basisschool proberen we de kinderen al enigszins vertrouwd te maken met het onderwijssysteem waarin ze terechtkomen. Wekelijks krijgen ze bijvoorbeeld enkele huiswerkopdrachten. Daarnaast wordt er juist ook aandacht besteed aan de manier van leren, het plannen en het maken van huiswerk, opzoek- en informatiemiddelen, enz. Over het algemeen blijkt dat leerlingen zich goed aanpassen in het voortgezet onderwijs. Hun leermotivatie en zelfstandigheid worden vaak als kenmerkende eigenschappen genoemd.
De praktijk
Op de Montessorischool worden kinderen gezien als actieve wezens:onderzoekers, ontdekkers. Elk kind brengt zijn eigen ‘bagage’ mee: een eigen aanleg, levenservaring, werktempo en behoeften. Alle kinderen streven ernaar zelfstandig te worden: ‘Help mij het zelf te doen’. Zij gaan het liefst zelf op pad, zelf op hun doel af en nemen het liefst zelf beslissingen.
Individualiserend onderwijs
Elk kind krijgt onderwijs op maat, omdat elk kind anders is en om een eigen aanpak vraagt. De ontwikkeling van kinderen verloopt vaak volgens een vast patroon. Toch moet er goed op worden gelet wanneer een kind precies wil leren en waar het aan toe is.
Voorbereide omgeving
Om elk kind te kunnen bieden wat het op een bepaald moment nodig heeft, bevat de omgeving bij ons veel verschillende leermiddelen. Vooral het speciaal ontwikkelde Montessorimateriaal krijgt hierin een belangrijke plaats. Het Montessorimateriaal daagt de kinderen uit om ermee aan de slag te gaan, zodat hun innerlijke motivatie wordt geprikkeld.
Vrijheid
Een belangrijke voorwaarde voor dit alles is vrijheid. Kinderen kunnen kiezen of en met wie ze willen samenwerken, wat ze gaan doen en wat ze nodig hebben. Het is dan natuurlijk ook nodig dat ze leren met ieders vrijheid rekening te houden. Wij spreken dan over vrijheid in gebondenheid binnen de grenzen van de groep. De kinderen kunnen nieuwe ‘lesjes’ vragen, maar de groepsleerkracht zal ook zélf nieuwe lesjes aanbieden. Als kinderen zo in vrijheid kunnen werken, in een omgeving waarin ze vinden wat ze voor hun ontwikkeling nodig hebben, zijn ze over het algemeen met plezier en aandacht bezig.

Meer Montessori
